In het kader van het maandelijks verrassingsetentje eindigden we laatst bij Chom Chom. Chom chom serveert typisch Koreaanse eten in een moderne inrichting, zeggen ze zelf. Het was zaterdagavond en het restaurant zat maar voor 20% vol. Dat zou normaal een teken zijn om rechtsomkeer te maken maar Jasper had gereserveerd en we waren toch wel nieuwsgierig naar de moderne Koreaanse keuken. Gewoon proberen maar.
De bediening was super vriendelijk en we trapten af met een Soju tasting: een proeverij van Koreaanse sake. Of het nu door de drank kwam of niet, we waren de lege tafels om ons heen snel vergeten en focusten ons op het eten. We begonnen met allerlei Koreaanse hapjes, oftewel Kapas (Koreaanse tapas, hoe fout!). Er zaten een aantal lekkere gerechten en goede smaken bij. Vooral de Haemul Pajun (seafood pancakes) is me bijgebleven (Hier vind je een recept voor Koreaanse pannenkoekjes). En het feit dat ik voor het eerst van mijn leven lekkere, zachte, smaakvolle tofu op heb. Het eten was pittig, maar niet te. En de combinatie van soja, zoet, gember en rode peper geeft het een fijne smaak. Duidelijk onderscheidend van bekende Aziatische smaken die je kent van de Japanner, Thai of Chinees. Koreanen eten trouwens stokjes én met een lepel. Je hoeft dus niet te prutsen om drie rijstkorrels klem te houden.
Onoverkomelijk dwaalde het gesprek tussen het voor- en hoofdgerecht toch weer af naar de inrichting van het praktisch lege restaurant. Hoe kan een tent met lekker eten toch zo weinig klandizie hebben? Want ook al is je restaurant nieuw, klein, slecht aangegeven of onbekend, als het eten en sfeer goed is staan de drommen New Yorkers binnen de kortste keren in de rij. Conclusie: het kan ook heel verkeerd uitpakken als je hippe kleding aantrekt en het past niet bij je persoonlijkheid.
Na het uitserveren van het hoofdgerecht hielden we toch weer onze mond want de verschillende gerechten zagen er verrukkelijk uit. Vooral de Galbi Jim (of Kalbi Jim) was heerlijk. Het deed je denken aan sudderlapjes van vroeger maar dan anders. Bij Galbi smoor je het vlees van de ribben van een rund net zolang tot het zo zacht is dat het van het bot af valt. Zo je mond in. Niet voor niets wordt dit het Koreaanse comfort food genoemd. Een heerlijk gerecht om thuis te maken en zaterdag of zondag de hele dag te laten pruttelen en het na een paar uur op je tong te laten smelten. Lekker ouderwets dus laat het moderne jasje vooral thuis.
Hieronder vind je een recept voor Galbi Jim. Met de groenten kun je variëren. Kijk wat er verkrijgbaar is in de winkel en wat je lekker vindt. Het vlees kan eindeloos pruttelen maar voeg de groente pas 45 minuten tot een uur voor het einde toe.
Galbi Jim (gesmoord rundvlees op z’n Koreaans) -2 personen-
1 kg rundvleesribben in stukken gehakt (vraag de slager naar geschikt rundvlees om te stoven, het liefst met bot eraan)
4 tenen knoflook, fijn gehakt
halve ui in repen
2 cm verse gemberwortel, geschild en gekneusd
5 eetlepels suiker
6 eetlepels soja saus
2 eetlepels Japanse rijstwijn (Mirin)
1 eetlepel sesamolie
½ Aziatische peer oftwel Nashi peer (of anders 1 gewone handpeer), geschild en in blokjes
2 à 3 aardappelen, geschild en in grove stukken
1 Rettich oftewel Daikon (lange witte Japanse radijs), geschrapt en in grove stukken
2 wortelen, geschrapt en in grove stukken
Je kunt ook kastanjes meekoken of (shiitake) paddenstoelen.
Doe de stukken vlees in een grote pan en voeg net zoveel water toe tot het vlees helemaal onder staat. Laat het zachtjes koken en schep het schuim af. Zodra er weinig nieuw schuim meer bij komt kun je het vlees afgieten.
Doe het vlees in een grote stoofpan en voeg knoflook, ui, sojasaus, suiker, mirin, gember, sesamolie toe. Voeg water toe tot het vlees op 2,5 cm na onder water sta. Breng dit aan de kook en laat zachtjes pruttelen voor 1,5 uur met de deksel op de pan. Het mag ook langer maar doe het minimaal 1,5 uur. Voeg alle groenten toe en laat nog 45 minuten – 1 uur stoven.

Als je wilt, breng de stoofpot op smaak met extra sojasaus, suiker of sesamolie. Vergeet niet het stuk gember uit de pan te halen voor serveren. Als je wat dikkere saus wilt, neem het vlees en de groenten uit de pan en leg afgedekt weg. Gebruik maïzena om de saus dikker te maken. Wanneer het de gewenste dikte heeft, leg het vlees en groenten terug en warm het geheel nog op. Lekker met plakrijst. Smakelijk!
Lachen El, gaan we proberen